Visio kennisportaal maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies om de inhoud af te stemmen op uw wensen, verbeteringen aan te brengen, maar ook om de koppeling met social media eenvoudiger te maken. Lees meer over cookies
Live support
Het spijt ons, de support is op dit moment niet beschikbaar.
Contrast aanpassen Zoekvenster openen Menu openen

Muziek mixen met Reaper, snel aan de slag

Geplaatst op 12 juni 2018

Marc Stovers, Koninklijke Visio

Schermafdruk van Reaper

Reaper is een (semi-)professioneel en relatief goedkoop audio bewerkings programma (DAW) waar je mee kunt opnemen, bewerken of mixen. Reaper is goed toegankelijk en ook te gebruiken als je blind bent. Ben je schermlezer gebruiker en wil je kennismaken met muziek mixen, dan is deze handleiding iets voor jou.

Deze handleiding is geschreven voor Reaper (versie 5.7) voor Windows in combinatie met NVDA, maar ook goed voor Jaws te gebruiken. Ook als je op een Mac met VoiceOver werkt kun je deze handleiding grotendeels gebruiken. Bedenk dat de sneltoetsen dan iets afwijken: De hier genoemde ALT toets wordt op de Mac de OPTION toets, en de WINDOWSTOETS wordt op de Mac de COMMAND toets.

Wat is Reaper precies?

Reaper is een uitgebreid audio bewerkings programma ofwel Digital Audio Workstation (DAW). Je kunt er (semi-)professionele opnames mee maken, maar het ook thuis gebruiken voor eenvoudiger toepassingen. Een Reaper licentie is relatief goedkoop vergeleken met andere DAW software pakketten (circa 60 euro tenzij je er als professional veel omzet mee maakt). Er is een gratis probeerversie met volledige functionaliteit.

Reaper kent uitgebreide mogelijkheden voor audio opname, bewerking en gebruik van effecten. Reaper heeft zelf geen instrumenten (virtual instruments) aan boord.

Deze handleiding is bedoeld om je op weg te helpen met Reaper, en een indruk te krijgen van wat audiobewerking eigenlijk is. We gaan uit van gebruik van Reaper zonder muis, met sneltoetsen en een schermlezer.

Om dit alles te leren ga je zelf een eenvoudig liedje inzingen, bijvoorbeeld Vader Jacob, en van jouw stem een compleet koor maken.

Het Reaper programma is Engelstalig. Werk je liever met Nederlandstalige software, dan kun je Audacity overwegen als alternatief. Audacity is gratis en bedoeld voor eenvoudiger toepassingen in de thuissituatie.

Toegankelijkheid

Om Reaper toegankelijk te maken voor schermlezers is het hulpprogramma OSARA ontwikkeld. OSARA is beschikbaar voor Windows met NVDA als Apple Mac met VoiceOver. Gebruik je Jaws, dan is een groot deel van OSARA ook te gebruiken. OSARA is gratis.

Behalve OSARA kun je de gratis plug-in SWS extension installeren. Hiermee krijgt Reaper meer functionaliteit en extra sneltoetsen. Installatie is niet noodzakelijk maar wordt wel aanbevolen.

Reaper website en downloaden

Je kunt alles over Reaper vinden op de Reaper website: www.reaper.fm

Het programma is als demo te downloaden om 30 dagen uit te proberen. Je kunt een licentie aanschaffen via het programma of de website. Daar vind je ook de actuele prijzen.

Om het programma te downloaden, kies de link Downloads en daarna Reaper 32 of 64 bits variant. Kies bij voorkeur de 64 bits variant.

Lukt het niet, ga dan direct naar de downloadpagina met deze link: www.reaper.fm/download.php

Kies hier voor de 32 of 64 bits vatriant voor pc of Mac en installeer het programma.

Opmerking: Reaper is ook als portable software te downloaden en kan dan volledig vanaf USB stick gestart en gebruikt worden.

Osara downloaden

OSARA is te downloaden vanaf https://osara.reaperaccessibility.com/snapshots/

Op een Windows installeer je het programma op de gebruikelijke wijze.

Werk je met een Mac, volg dan deze instructies:

1.Download en open de OSARA disk image file.

2.Open het bestand "Install OSARA extension.command". Deze opent een terminal venster. Wacht een paar seconden en sluit het venster met COMMAND + Q.

3.Open het bestand "Replace existing key map with OSARA key map.command". Ook hier verschijnt een terminal window. Wacht een paar seconden en sluit het venster met COMMAND + Q.

4.Druk COMMAND + E om de disk image file uit te werpen.

SWS downloaden

Je bent bijna klaar met installeren! Download tenslotte SWS op de downloadpagina www.sws-extension.org

Microfoon en koptelefoon aansluiten

We gaan opnames maken door ze zelf in te zingen. Om Reaper te leren is de kwaliteit van je microfoon niet belangrijk.

  • Manier 1: Sluit een microfoon aan en zet een koptelefoon op.
    Als je computer een gecombineerde microfoon- en koptelefooningang heeft, heb je een splitter nodig om beide aan te kunnen sluiten. Ga hiervoor naar een audiowinkel. Je kunt ook een USB microfoon gebruiken, die hoef je alleen maar op een USB poort aan te sluiten.

  • Manier 2: Je kunt als alternatief ook een oortje met microfoon gebruiken, deze heeft een gecombineerde aansluitstekker. De opnamekwaliteit is dan minder maar om te oefenen is dat niet erg.

  • Manier 3: Als je laptop een ingebouwde microfoon heeft hoef je alleen maar een koptelefoon aan te sluiten. Ook dan is de opnamekwaliteit matig, maar dat is nu niet erg.

Reaper starten

Na het starten verschijnt Reaper met een evaluatie scherm.

Als je geen licentie hebt en met de demo versie werkt, ga met TAB naar de knop Still Evaluating en druk ENTER.

Opmerking: Met de knop Import License Key kun je een licentie invoeren.

Hoe ziet het Reaper scherm eruit?

  1. De indeling van het Reaper scherm lijkt wat op dat van een tekstverwerker.

  2. Bovenin vind je de menubalk die je met ALT kunt benaderen.

  3. Daaronder bevindt zich een balk met een aantal opdracht knoppen.

  4. Het grootste deel van het scherm is nog leeg, Hier komen je audiosporen. Deze worden ook wel Tracks genoemd. Elk spoor is een brede balk met daarin de geluidsgolf weergegeven. De tracks staan onder elkaar. Elke track kan weer uit meerdere items bestaan, wat handig is bij navigeren of het doen van bewerkingen. Hierover later meer.

  5. Onder het sporenscherm bevinden zich een aantal knoppen om onder meer op te nemen of af te spelen. Helemaal onderin vind je de statusbalk.

Je eerste opname

Voordat je kunt gaan opnemen moet je een track maken.

  1. Druk CTRL + T om een track te maken.

  2. Voer de naam van de track in en druk ENTER. Als je PIJL OMHOOG drukt hoor je de naam van de track.

  3. Druk F7 of kies SNELMENU en kies Automatic record-arm when track selected. Je hoort Armed. Nu is de opnameblokkering voor de track opgeheven. Hierover later meer.

  4. Druk op R om de opname te starten.

  5. Geef 4 tellen hardop en zing dan het liedje Vader Jacob in.

  6. Stop met SPATIE je opname. Nu kun je kiezen: ENTER om te bewaren, of kies met TAB een van de andere opties Rename of Delete.

  7. Druk ENTER om te bewaren.

Tip: Je kan met F2 de naam van de track achteraf snel veranderen.

Opname afspelen

Druk CTRL + HOME om de cursor naar het begin van de track te verplaatsen.

Reaper meldt nu de cursorpositie. Je hoort bijvoorbeeld: bar 1, beat 1, 0%.

Reaper deelt je opname in in bars (maten) en beats. Eén bar bestaat bijvoorbeeld uit 4 beats.

Probeer nu eerst de volgende sneltoetsen uit:

Start/Stop: : SPATIE

Pauzeren en hervatten: : CTRL + SPATIE

Naar begin: : CTRL + HOME of w

Naar einde: : CTRL + END

Eén pixel (heel klein stukje) terug of verder: PIJL LINKS en PIJL RECHTS.

De Edit cursor.

De cursor waarmee je werkt noemt Reaper de Edit cursor. Daarnaast heb je een Play cursor om af te spelen.

Wanneer je pauzeert of één van de andere navigatie toetsen gebruikt verplaats je de Edit cursor.

Wanneer je SPATIE drukt speel je af vanaf de Edit cursor positie.

Behalve naar het begon of eind kun je ook met de Edit cursor per bar of beat navigeren:

Eén bar (maat) terug of verder: : PAGE UP en PAGE DOWN

Eén beat terug of verder: : CTRL + PAGE UP en CTRL + PAGE DOWN

Je positie opvragen: : CTRL + SHIFT + J.

Je positie opvragen in seconden: : CTRL + SHIFT + J, J

Metronoom aanzetten

Je kunt tijdens opnemen of afspelen een metronoom gebruiken.

Metronoom aan of uitzetten : CTRL + SHIFT + M :

Blokkeren van tracks

Je kunt in Reaper tracks blokkeren om te voorkomen dat je ze per ongeluk wijzigt.

  1. Druk F7 tot je Unarmed hoort. Nu is de track geblokkeerd.

  2. Druk R om de opname te starten. Je krijgt een foutmelding.

  3. We gaan nu niet verder. Druk ESCAPE om de melding te sluiten.

Als je met meer sporen werkt wil je meestal dat je het spoor dat je selecteert automatisch deblokkeren, terwijl je de andere sporen blokkeert. Je kunt dit in Reaper instellen:

  1. Druk ALT voor het menu en ga met PIJL RECHTS naar Track.

  2. Ga met PIJL OMLAAG naar Set all tracks to automatic record-arm when track selected.

  3. Druk ENTER.

Project opslaan

Reaper slaat je opname op in een map. Hierin zet Reaper alle originele opnames, ingevoerde media bestanden en effecten, en legt vast hoe Reaper dit moet afspelen. Je originele opnames worden dus niet gewijzigd, maar wordt door Reaper aan elkaar geplakt, over elkaar gelegd of van een effect voorzien.

Aan het einde van je project ga je het resultaat uitvoeren naar één audiobestand.

  1. Druk CTRL + S

  2. In het Opslaan Als venster typ je: Vader Jacob.

  3. Druk ENTER.

  4. Sluit Reaper.

Opmerking: Reaper slaat je werk als .RRP file standaard op in de map Documenten\Reaper Media. In het Opslaan Als venster kun je desgewenst voor een andere map kiezen.

Project openen

  1. Start Reaper.

  2. Druk ALT om in het File menu te komen.

  3. Ga met PIJL OMLAAG naar Recent Projects en druk PIJL RECHTS.

  4. Kies uit de lijst Vader Jacob en druk ENTER.

Je tweede track opnemen

  1. Je gaat nu opnieuw Vader Jacob zingen, als tweede lid van het koor.

  2. Maak een nieuwe track met CTRL + T en geef deze de naam: Tweede Stem.

  3. Zet de cursor aan het begin.

  4. Druk R om de opname te starten en zing de tweede stem.

  5. Stop de opname met SPATIE en beluister het resultaat!

Track verwijderen en terugzetten

Om een track te verwijderen moet je hem eerst selecteren.

  1. Selecteer indien nodig de tweede track met PIJL OMLAAG.

  2. Druk DELETE.

  3. Controleer of track 2 nu weg is.

  4. Druk CTRL + Z. Hiermee maak je de laatste handeling ongedaan.

  5. Controleer of track 2 nu terug is.

Je derde track maken

  1. Maak het derde spoor door track 2 te selecteren en CTRL + T te drukken.

    Nu wordt track 3 onder track 2 geplaatst.

  2. Zing nu de Vader Jacob van het derde koorlid in.

Tip: Met CTRL + ALT + T wordt een nieuwe track altijd onderaan toegevoegd.

Solo en Mute: tracks beluisteren

Als je veel tracks hebt wil je soms één track even kunnen beluisteren, of juist niet.

Eén track beluisteren heet Solo, een track uitsluiten heet Mute, of Dempen in goed Nederlands.

Je kunt meerdere tracks op Solo of Mute zetten. Tracks waarbij zowel Solo als Mute uit staan worden alleen afgespeeld als er geen andere tracks op solo staan.

Je schermlezer vertelt bij elke track of Solo of Mute aan staat.

  1. Ga naar track 2 en druk F6 om Solo aan te zetten.

  2. Speel af, je hoort alleen nog track 2.

  3. Zet met F6 solo weer uit, en ga nu naar track 1.

  4. Zet nu voor track 1 Solo aan en speel af.

  5. Zet Solo voor track 1 weer uit en speel af. Je hoort nu alle tracks weer.

  6. Ga nu naar track 2 en druk F5 om Mute aan te zetten.

  7. Nu is track 2 gedempt. Je hoort nu de andere twee tracks.

  8. Zet met F5 Mute weer uit.

Tip: Solo en Mute werken ook terwijl je afspeelt.

Een effect toevoegen

Je kunt in Reaper meerdere effecten aan een track toevoegen. Reaper kent een zeer uitgebreide effectbibliotheek, ook is het mogelijk om effecten toe te voegen.

Wij gaan op track 2 een effect toepassen, waardoor de zanger van track 2 als een kabouter klinkt.

  1. Selecteer track 2.

  2. Druk F om de effecten van track 2 te tonen. Omdat er nog geen effect is, laat Reaper je deze eerst toevoegen.

  3. Het dialoogvenster Add Fx to Track 2 scherm verschijnt. Deze bestaat uit een zoekveld, een boomstructuur lijst met effectgroepen en de lijst met alle effecten uit de geselcteerde effectgroep. Je kunt hier eens met TAB en PIJL toetsen doorheen gaan. Er zijn zeer veel effecten; wij gaan een ingebouwd effect opzoeken met de zoekfunctie.

  4. Zorg dat je weer op het zoekveld terugkomt. Typ: pitch

  5. Druk vijfmaal op TAB, je komt in de lijst met “pitch” effecten. Kies hier met PIJL OMLAAG de optie JS: Pitch an Octave Up.

  6. Druk ENTER. Nu kom je in het dialoogvenster dat alle effecten van track 2 toont. Er staat nu één effect in de lijst: JS Pitch an Octave Up.

  7. Met TAB kun je nu nog de effect instellingen wijzigen, maar dat gaan we nu niet doen. Met de knoppen Add en Delete zou je een tweede effect aan de track kunnen toevoegen, of een effect kunnen verwijderen. Ook dit gaan we niet doen.

  8. Druk Escape. Je komt nu terug in de track. Het effect is toegevoegd. Je kunt dit nagaan door met PIJL OMHOOG en PIJL OMLAAG de track opnieuw te selecteren. Je hoort nu Fx en het gekozen effect.

  9. Speel af en beluister het resultaat.

  10. Met de letter B kun je het effect aan of uitzetten. Probeer dit uit.

    Opmerking: Het effect heeft de originele opname niet veranderd maar wordt er als het ware overheen gelegd. Door B te drukken schakel je de effecten van een track aan of uit.

Enkele effecten uitgelegd

  • Bass en Treble: lage en hoge tonen versterken of verzwakken.

  • Equalizer of EQ: hetzelfde als Bass en Treble maar in plaats van 2 regelaars zijn er nu veel meer om elk frequentiegebiedje apart te versterken of te verzwakken.

  • Compressor: als je opname hele zachte en hele harde passages heeft kun je hiermee het volume wat meer gelijktrekken.

  • Echo of Delay: een echo toevoegen.

  • Reverb: Galm toevoegen.

  • Fade-in: het volume van nul naar maximaal laten spelen.

  • Fade-out: het volume van maximaal naar nul laten spelen, bijvoorbeeld aan het eind van een nummer.

  • Phaser: Een laser achtig effect aan je opname geven.

  • Pitch wijzigen: de toonhoogte en / of snelheid veranderen.

Instellingen voor Selecteren

Voordat je gaat selecteren is het handig om eenmalig de volgende instellingen te maken.

  1. Druk CTRL + P om naar Instellingen te gaan.

  2. Ga met PIJL OMLAAG naar het onderdeel Editing Behavior.

  3. Druk een paar keer TAB tot je bij de optie Move edit cursor to start of time selection when on time selection change.

  4. Zet de optie met SPATIE aan. Dit zorgt ervoor dat als je het startpunt van een selectie wijzigt, de edit cursor meebeweegt.

  5. Druk ENTER.

  6. Nu maken we de tweede instelling. Druk weer CTRL + P.

  7. Ga met PIJL OMLAAG of met de letters pl naar Playback.

  8. Ga met TAB naar de optie Stop playback at end of loop is repeat is disabled.

  9. Zet deze optie aan met SPATIE. Dit zorgt ervoor dat als je een selectie afspeelt het afspelen aan het einde ook stopt.

Selecteren

Behalve een hele track kun je ook een selectie maken, bijvoorbeeld om deze te bewerken of te verwijderen.

Je kunt de selectie beluisteren, of juist alles behalve de selectie beluisteren. Dit laatste is handig als je een stuk uit een opname wilt verwijderen.

Als voorbeeld gaan we één zin selecteren. We gaan er nog niets mee doen.

  1. Selecteer track 2 en zet deze op Solo. Zet de effecten uit.

  2. Speel af en pauzeer bij het begin van de tweede zin met CTRL + SPATIE.

    Eventueel corrigeer je met PIJL LINKS en PIJL RECHTS de positie.
    Tip: om de spraak van NVDA tijdelijk uit te schakelen druk je INSERT + S.

  3. Druk nu [ om het begin van de selectie te markeren.

  4. Speel verder af en druk aan het einde van de zin op ] om het eind van de selectie te markeren.

  5. Beluister met SPATIE je selectie. De instelling die je eerder maakte zorgt ervoor dat het afspelen aan het eind gestopt wordt. Omdat de edit cursor is blijven staan kun je dit zo vaak herhalen als je wilt.

  6. Je kunt nu met ALT + [ en ALT + ] de selectie eind positie met kleine stapjes terug of verder plaatsen. Met SPATIE beluister je je selectie.

  7. Op dezelfde manier kun je met CTRL + [ en CTRL + ] de selectie begin positie aanpassen.

  8. We gaan met deze selectie even niets doen. Druk Escape om hem uit te zetten.

Tips:

  • Bij langere selecties kan het makkelijker zijn om eerst het eindpunt met de PIJL toetsen te vinden en te markeren en daarna het beginpunt te zoeken, te markeren en met kleine stapjes te verplaatsen. Omdat je eerst het eindpunt goed hebt gezet hoef je daarna de selectie niet steeds helemaal af te luisteren.

  • Je kunt met CTRL + R ofwel de Repeat functie een selectie herhaald afspelen.

  • Je kunt ook alles BEHALVE de selectie afspelen. Dit doe je met ALT + SPATIE. Zorg er wel voor dat je eerst de Edit cursor een stukje voor je selectie plaatst voordat je afspeelt.

  • Met Escape hef je een selectie op.

  • Om de spraak van NVDA tijdelijk uit te schakelen druk je INSERT + S.

Het begin verwijderen

Verwijder het begindeel van je opname waarin je aftelt.

Een handige sneltoets om te gebruiken is SHIFT + HOME. Hiermee selecteer je alles vanaf de Edit cursor positie tot het begin.

In- en uit faden

Een bekende bewerking op een selectie is in- en uitfaden. Experimenteer hiermee door een fade in aan het begin en een fade out aan het eind te zetten. Gebruik de volgende sneltoetsen:

Fade in op selectie : CTRL + ALT + I

Fade out op selectie : CTRL + ALT + O

Het is ook mogelijk om met de SHIFT toets een selectie te maken terwijl je navigeert. Houd er echter rekening mee dat je niet met SPATIE de selectie af kunt spelen, omdat er geen markeringen worden gezet.

Kleinere stapjes zetten

Met de PIJL toetsen of de selectie wijzig toetsen kon je de cursor een stukje opschuiven. Hoe groot dat stukje is hang af van de mate waarin de getoonde golfvorm wordt ingezoomd. Hoe meer je inzoomt, hoe kleiner de stappen worden.

Horizontaal uitzoomen : SHIFT + ALT + MINTEKEN

Horizontaal inzoomen : SHIFT + ALT + PLUSTEKEN

Je kunt ook met het muiswiel in- of uitzoomen.

Werken met items

Je kunt een track opsplitsen in meerdere items waartussen je kunt navigeren. Ook kun je bewerkingen doen op elk item, zoals een effect toevoegen, kopiëren of verwijderen. Als je een item verwijderd blijven andere items op hun plaats staan.

We gaan Track2 opsplitsen in meerdere items en één item van een effect voorzien. Eerst verwijderen we het effect dat nu op heel track 2 staat.

  1. Selecteer Track 2.

  2. Druk F. De effectenlijst verschijnt en het Pitch effect staat geselecteerd.

  3. Verwijder het pitch effect met DELETE en ga met ESCAPE weer terug naar de track.

  4. Zet nu de Edit cursor achter de eerste zin en druk s. De track wordt gesplitst.

  5. Zet nogmaals de edit cursor achter de tweede zin en druk s. Nu is de track in drie items gesplitst.

  6. Je kunt nu met CTRL + PIJL RECHTS en PIJL LINKS een item selecteren en het item afspelen. Probeer dit uit.

  7. Selecteer het tweede item en druk SHIFT + E.

  8. Je kunt nu een effect toevoegen. Voeg het Pitch effect toe zoals je dat eerder voor de hele track deed.

  9. Alleen het tweede item heeft nu een effect. Controleer dit.

  10. Sla je werk op.

Selecteer volgende item : CTRL + PIJL RECHTS

Selecteer vorig item : CTRL + PIJL LINKS

Splits track : s

Effect aan item koppelen : SHIFT + E

Het is ook mogelijk om items weer samen te voegen

  1. Selecteer met CTRL + PIJL het tweede item.

  2. Druk SHIFT + CTRL + PIJL RECHTS om het derde item erbij te selecteren.

  3. Druk SNELMENU en kies de laatste optie Heal splits in items.

  4. Nu zijn ze samengevoegd. Wat is er met het effect op item 2 gebeurd?

OSARA instellingen

Met CTRL + F12 (of SHIFT + CTRL + ALT + P) kun je in OSARA instellen wat er continu door je schermlezer gemeld zal worden:

  • report position when scrubbing (positie melden als je door een track loopt)

  • report effects when moving through tracks (effecten melden als je van track wisselt).

  • record transport state.

Je eindresultaat renderen

Wanneer je project klaar is kun je het resultaat omzetten naar één audiobestand. Het proces wordt Rendering genoemd en Reaper kent hierin hier zeer veel instellingen en mogelijkheden. Wij gebruiken hier de standaard instellingen.

  1. Kies in het menu Bestand de optie Render, of druk CTRL + ALT + R, en druk ENTER.

  2. In het Rendert o File venster kun je nu een naam invullen.

  3. Ga met TAB naar Output Format en kies je bestandstype naar keuze, bijvoorbeeld WAV, FLAC of MP3.

  4. Zodra het renderen is voltooid verschijnt een bevestigingsscherm. Je kunt dit sluiten met Close, maar je kunt ook het bestand afspelen met Launch File, of in Verkenner tonen met Show in Explorer.

  5. Ga met TAB naar Show in Explorer en druk ENTER. Verkenner wordt geopend en het bestand staat voor je klaar.

Gefeliciteerd met je werk! Hoe nu verder?

Je hebt nu geproefd aan het mixen van audio. Hoe kun je nu verder met Reaper?

Hieronder vind je tips en de belangrijkste sneltoetsen.

Muziek of andere audiobestanden importeren

Wanneer je een reeds bestaand audiobestand wil importeren om te bewerken of van extra sporen wilt voorzien, kun je dit importeren in het menu Insert – Media File.

De audio wordt ingevoegd op de cursor positie. Als je audio als een nieuwe track wilt invoegen moet je dus eerst een nieuwe track maken en de cursor op de juiste positie zetten.

Shortcut help: toetsenbord assistentie

Met F12 kun je Shortcut Help aan of uit zetten. Als de optie aan staat krijg je informatie over elke gewenste sneltoets door deze in te drukken zonder dat er iets gebeurt.

Sneltoetsen zoeken, wijzigen of toevoegen

Als je een sneltoets niet weet kun je deze opzoeken. Ook kun je alle sneltoetsen per categorie bekijken, wijzigen of toevoegen.

  1. Druk F4 om in het Actions menu te komen. Hier staan alle opdrachten en sneltoetsen in een lijst, waar je met TAB naar toe kunt.

  2. Je kunt ook F4 drukken en in het zoekveld een zoekterm typen. Daarna ga je met Tab naar de lijst en kun je met PIJL OMLAAG door de resultaten lopen.

  3. Je kunt ook zelf sneltoetsen wijzigen of toevoegen. Selecteer de opdracht in de lijst en ga met TAB naar de lijst Shortcuts for selected action. Hier staan de sneltoetsen die aan deze opdracht zijn gekoppeld. Als je met TAB en SPATIE de knop Add activeert kun je in een venster je sneltoets typen en ENTER drukken. Op dezelfde manier kun je met de knop Delete een sneltoets verwijderen.

Alle genoemde websites zijn Engelstalig.

Een mooie overzichtspagina over Reaper voor gebruikers van schermlezers vind je op www.reaperaccessibility.com

Een aantal Reaper tutorials en podcasts zijn gratis te vinden.

Ga naar Reaper tutorials op de website van Audio Pizza

Ga naar Reaper tutorials van Audio Pizza in de iTunes Store

Er is een Engelstalige Reaper mailinglist (forum) voor gebruikers van schermlezers. Deze heet Reapers Without Peepers en is te vinden op http://bluegrasspals.com/mailman/listinfo/rwp

De belangrijkste sneltoetsen

Reaper - de belangrijkste sneltoetsen

Onderstaande sneltoetsen zijn voor Windows. Voor de Mac zijn de meeste sneltoetsen identiek, waarbij voor de ALT toets de OPTION toets gebruikt moet worden.

Algemeen

Open project: CTRL + O

Nieuw project: CTRL + N

Opslaan van project: CTRL + S

Voorkeuren instellen: CTRL + P

OSARA instellingen: CTRL + F12

Media importeren: Menu File – Insert Media

Sneltoetsen zoeken (Actions menu): F4

F12 shortcut help = toetsenbord help, uit met F12

Ongedaan maken: CTRL + + Z :

Reaper afsluiten: ALT + F4

Afspelen en navigeren

Start/Stop: Spatiebalk

Pauzeren / hervatten: CTRL + ENTER

Naar begin: CTRL + HOME of w

Naar einde: CTRL + END

Eén pixel (heel klein stukje) terug of verder: PIJL LINKS en PIJL RECHTS.

Eén bar (maat) terug of verder: PAGE UP en PAGE DOWN

Eén beat terug of verder: CTRL + PAGE UP en CTRL + PAGE DOWN

Je positie opvragen: : CTRL + SHIFT + J.

Je positie opvragen in seconden: CTRL + SHIFT + J, J

Horizontaal uitzoomen (=grotere stappen met PIJL): SHIFT + ALT + MINTEKEN

Horizontaal inzoomen (=kleinere stappen met PIJL): SHIFT + ALT + PLUSTEKEN

Opnemen

Opnemen: R

Stop opname: SPATIE

Metronoom aan of uitzetten: CTRL + SHIFT + M

Sporen ( =Tracks )

Nieuwe track: CTRL + T

Naar vorige track gaan: Pijl omhoog

Naar volgende track gaan: Pijl omlaag

Opnameblokkering aan/uit: F7

Tracknaam wijzigen: F2

Geselecteerde track(s) verwijderen: DELETE

Geselecteerde track(s) kopiëren: CTRL + C

Geselecteerde track(s) knippen: CTRL + X

Gekopieerde track(s) plakken: CTRL + V

Audio controle van track

Volume van huidig spoor wijzigen: Shift + G

Balans van huidig spoor wijzigen: Shift + P

Dempen aan/uit van track: F5

Solo afspelen aan/uit van track: F6

Effect toevoegen wijzigen: F

Selecteren

Selecteer alle audio op alle sporen: CTRL + A

Selecteren tot einde track: Shift + END

Selecteren tot begin track: Shift + END

Selectie start positie: [

Selectie eind positie: ]

Selectie afspelen: SPATIE

Alles behalve selectie afspelen: ALT + SPATIE

Start positie een stukje naar links: CTRL + [

Start positie een stukje naar rechts: CTRL + ]

Eind positie een stukje naar links: ALT + [

Eind positie een stukje naar rechts: ALT + ]

Items

Selecteer volgende item: CTRL + PIJL RECHTS

Selecteer vorig item: CTRL + PIJL LINKS

Splits track: S

Effect aan item koppelen: SHIFT + E

Bewerken

Ongedaan maken: CTRL + Z

Opnieuw doen: CTRL + Y

Verwijder selectie: DELETE

Knippen van selectie: CTRL + X

Kopiëren van selectie: CTRL + C

Plakken: CTRL + V

Fade in op selectie: CTRL + ALT + I

Fade out op selectie: CTRL + ALT + O

Renderen

Renderen: CTRL + ALT + R

Heb je nog vragen?

Mail naar kennisportaal@visio.org, of bel 088 585 56 66.

Meer artikelen, video’s en podcasts vind je op kennisportaal.visio.org

Koninklijke Visio

expertisecentrum voor slechtziende en blinde mensen

www.visio.org