Live support
Het spijt ons, de support is op dit moment niet beschikbaar.
Contrast aanpassen Zoekvenster sluiten Menu openen

Beter begrepen worden als je slecht ziet

Geplaatst op 1 juni 2026

Nicky Kolthof, Koninklijke Visio

een persoon met een witte stok die een gesprek voert met een wazig weergegeven
figuur in een spraakballon, wat communicatie tussen een blinde en een ander
persoon symboliseert.

Volledig blind zijn, hoe ingrijpend dat ook is, begrijpen de meeste mensen wel. Dat er echter veel verschillende vormen van slechtziendheid bestaan, is bij veel mensen veel minder bekend. Dus als dit je overkomt heb je opeens de ongevraagde taak gekregen om aan anderen duidelijk te maken dat dit bestaat en dat jij daar last van hebt. Maar hoe kun je als je slechtziend bent anderen goed uitleg geven over wat je wel en niet ziet?

Om daarbij te helpen kun je een zichtbeschrijving maken. Verderop leggen we stap voor stap uit hoe je een zichtbeschrijving maakt. We geven nu eerst uitleg over wat het inhoudt en hoe een zichtbeschrijving je kan helpen.

Een zichtbeschrijving wordt ook wel of visueel profiel genoemd. Je kan je zien als een persoonlijke informatiefolder waarin je uitlegt wat jij wel en niet ziet. Door deze beschrijving met anderen te delen, help je hen om beter te begrijpen wat jij ervaart, hoe zij rekening met je kunnen houden en hoe ze je kunnen ondersteunen.

In een zichtbeschrijving omschrijf je:

  • Wat je ziet en wat je niet ziet;

  • Hoe jouw zicht jouw dagelijks leven beïnvloedt;

  • Waar anderen rekening mee kunnen houden;

  • Welke ondersteuning voor jou prettig of behulpzaam is.

Je kunt je zichtbeschrijving gebruiken voor familie, vrienden, zorgverleners, collega's, klasgenoten en andere mensen in je omgeving. Je hoeft hem niet letterlijk te overhandigen, al mag dat natuurlijk wel. Je kunt hem ook gebruiken om:

  • Een gesprek te openen;

  • Voor te lezen;

  • Samen door te nemen;

  • Uitleg te geven in een nieuwe situatie.

Veel mensen ervaren dat het schrijven van een zichtbeschrijving hen helpt om beter onder woorden te brengen wat zij zien en ervaren. Daardoor hebben zij de beschrijving op papier soms niet eens meer nodig. Ook kan bewust bezig zijn met je zicht je helpen bij het proces van verwerking.

De ervaring van Peter

“Er ging best wel wat tijd en energie zitten in het maken van een zichtbeschrijving. Maar ik ben ontzettend blij dat ik het heb gedaan. In het begin liet ik anderen mijn zichtbeschrijving vaak lezen. Dan raakten we hierover in gesprek. Anderen reageerden positief en begripvol. Veel mensen gaven aan dat ze niet goed beseften hoe weinig ik zag. Inmiddels kan ik mensen zelf makkelijk uitleggen hoe mijn zicht is en wat ik nodig heb.’’

Tips

Zelf je zichtbeschrijving maken

Een zichtbeschrijving kan je maken zoals je zelf wilt. Bij Visio gebruiken we meestal deze vijf onderdelen:

  1. Wat je slechtziendheid inhoudt;

  2. Wat je ziet van dichtbij;

  3. Wat je ziet op afstand;

  4. Wat voor jou de invloed is van licht;

  5. Waar anderen rekening mee kunnen houden.

In het volgende stappenplan lees je hoe je stap voor stap een zichtbeschrijving maakt. Je kunt kiezen voor één algemene beschrijving of meerdere versies voor verschillende situaties, zoals werk of privé. Het stappenplan is een hulpmiddel: je kunt de onderdelen volgen, aanpassen of je zichtbeschrijving helemaal op je eigen manier maken en het stappenplan als inspiratie gebruiken.

Na het lezen van het stappenplan kun je direct starten met schrijven. Om je te hierbij te helpen kun je op deze pagina een bijbehorend invulformulier downloaden.

Kom je er niet uit of loop je vast tijdens het schrijven? Aan het eind van het artikel vind je extra tips die je verder kunnen helpen.

Tip: Handvatten hoe je anderen kan laten ervaren hoe het is om slechtziend te zijn lees je in dit artikel: Iemand laten ervaren hoe het is om slecht te zien

Stappenplan: je zichtbeschrijving maken

Stap 0: Tips voordat je begint

  • Er is geen goed of fout;

  • Het hoeft niet medisch perfect te zijn;

  • Schrijf in je eigen woorden;

  • Jij bepaalt wat je wel en niet deelt;

  • Houd elk stuk kort, bondig en zo concreet mogelijk. Dit maakt het makkelijker leesbaar;

  • Schrijf alsof je het uitlegt aan iemand die geen verstand heeft van slechtziendheid.

Stap 1: Algemene omschrijving van mijn slechtziendheid

Beschrijf hier in eigen woorden hoe je zicht is

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Wat de oorzaak is (voor zover je dat weet);

  • Wat er in je ogen of hersenen anders werkt;

  • Wat dit globaal betekent voor je zicht;

  • Hoe je het kijken ervaart (wazig, vlekken, uitval van delen, vertraagd zien, et cetera);

  • Wat je vooral merkt in het dagelijks leven

Vragen die je kunnen helpen

  • Wat is er met je ogen of zicht gebeurd?

  • Wat merk je hier dagelijks van?

  • Hoe voelt kijken voor jou?

Tip: Je hoeft geen medische termen te gebruiken. Vergelijkingen (zoals “kijken door mist” of “delen die wegvallen”) helpen vaak goed.

Voorbeeldzinnen

“Na mijn beroerte zie ik de rechterkant van mijn omgeving minder goed. Ik mis daardoor vaak dingen zonder dat ik het doorheb.”

‘’Door Glaucoom zie ik alleen door een kleine koker. Het is alsof ik door een wc-rol kijk.’’

Stap 2: Wat zie ik van dichtbij?

Beschrijf hier wat je ziet binnen ongeveer een halve tot één meter

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Het herkennen van gezichten;

  • Het zien van gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal;

  • Of je kan lezen en schrijven en zo ja in welke mate;

  • Onderscheiden van kleuren en contrast;

  • Voorbeelden van details die je wel of niet kunt zien;

  • Eventuele hulpmiddelen die je gebruikt, zoals een bril, loep of andere visuele ondersteuning.

Vragen die je kunnen helpen

  • Zie ik ogen, gezichten of details?

  • Kan ik lezen? Zo ja: hoe?

  • Welke dingen lukken nog wel, en welke niet?

Voorbeeldzinnen

“Ik kan gezichten van dichtbij zien, maar gezichtsuitdrukkingen herken ik niet altijd goed. Ik mis soms of iemand boos, blij of verdrietig kijkt.”

“Lezen lukt alleen met grote letters en veel licht. Kleine letters of lange teksten maken me snel moe.”

‘’Weinig contrast maakt het moeilijker om dingen te zien. Een zwart telefoonhoesje op een donkere tafel zie ik bijvoorbeeld niet. Terwijl ik een wit kopje op diezelfde tafel wel zie.’’

Stap 3: Wat zie ik op afstand?

Beschrijf je zicht in grotere ruimtes en buiten

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Het herkennen van mensen op afstand;

  • Een omschrijving van wat je voornamelijk wel ziet, bv. silhouetten, bewegingen;

  • Een omschrijving van wat je voornamelijk niet of te laat ziet, bijvoorbeeld lantaarnpalen, stoepranden, andere mensen;

  • Oriënteren in bekende of onbekende plaatsen;

  • Verschil tussen drukke of rustige omgevingen;

  • Diepte zien.

Vragen die kunnen helpen

  • Waar moet je extra op letten buiten?

  • Wat vind je spannend of vermoeiend?

  • Wat helpt je om jezelf te oriënteren?

Voorbeeldzinnen

“Op straat herken ik mensen pas als ze dichtbij zijn. Hierdoor groet ik soms niet terug, terwijl ik dat niet onbeleefd bedoel.”

“In drukke ruimtes raak ik snel het overzicht kwijt. Alles komt tegelijk binnen en dat is vermoeiend.”

“Diepte inschatten vind ik lastig. Ik mis soms stoepjes of traptreden.”

Stap 4: Hoeveel invloed heeft licht op mijn zicht?

Beschrijf wat de invloed is van licht op je zicht

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Wat fel licht zoals zonlicht met je doet

  • Het verschil in je zicht bij licht of schemering of donker

  • Hoe snel je ogen zich aanpassen aan veranderend licht

  • Welke hulpmiddelen je gebruikt, bijvoorbeeld pet, filterbril, zonnebril

  • Welk soort licht voor jou prettig is

Vragen die je kunnen helpen

  • Zie je beter bij veel of juist weinig licht?

  • Word je snel verblind?

  • Wat helpt je om beter te zien?

Voorbeeldzinnen

“Fel licht verblindt mij snel. Op zonnige dagen zie ik juist mínder, vooral buiten.”

“In schemer of donker zie ik bijna niets. Overgangen van licht naar donker kosten mij extra tijd.”

“Rustig, gelijkmatig licht helpt mij beter zien dan felle lampen of tegenlicht.”

Stap 5: Waar kunnen anderen rekening mee houden

Beschrijf wat anderen voor je kunnen doen

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Hoe mensen je het beste kunnen aanspreken;

  • Wat je lastig vindt in contact of wat je mist in contact met anderen;

  • Wat je wél en niet prettig vindt aan hulp;

  • Welke aanwijzingen voor jou duidelijk zijn.

Vragen die je kunnen helpen

  • Wat zou je willen dat anderen weten?

  • Wat gaat vaak mis in contact?

  • Wat kunnen anderen aan je merken?

  • Wat heb je nodig van anderen?

  • Wat helpt je om je veilig en begrepen te voelen?

Tip: Schrijf het zo concreet mogelijk op.

Voorbeeldzinnen

’’Zorg dat de ruimte goed verlicht is als ik bij je thuiskom in plaats van dat er alleen sfeerverlichting aan staat’’

“Vraag altijd eerst of ik hulp wil. Soms lukt het zelf, ook al gaat het langzamer.”

“Vertel me wie er in de ruimte is. Dan hoef ik niet te raden wie er bij mij staat.”

Praktische tips bij het maken van je zichtbeschrijving

Vind je het nog lastig om te beginnen? Hier volgen nog een aantal tips om je in dat geval op weg te helpen.

Tip 1: Begin klein

Je hoeft je zichtbeschrijving niet in één keer af te maken. Begin bijvoorbeeld met alleen wat anderen kunnen doen om je te helpen (stap 5), of één situatie die nu vaak misgaat, zoals op werk of in contact met bekenden. Je kunt dit dan steeds een stukje aanvullen.

Tip 2: Denk aan voorbeelden uit je dagelijks leven

Concrete situaties uit het dagelijks leven die moeilijk of onprettig zijn kunnen je helpen met wat er belangrijk voor je is om in je zichtbeschrijving op te schrijven.

  • Een situatie op straat

  • Iets wat gebeurt tijdens eten of bezoek

  • Een moment waarop misverstanden ontstaan

Vraag jezelf af hoe het kwam dat dit moeilijk was of niet prettig verliep en wat eventueel zou kunnen helpen.

’’Ik was aan het winkelen in een kledingwinkel en zag een leuk overhemd. Ik pakte het vast om beter te bekijken, pakte ik gewoon een vreemde man vast. Ik dacht dat het een paspop was’’.

Tip 3: Houd het persoonlijk

Schrijf in je eigen woorden, op jouw manier. Het is niet nodig om medische termen te gebruiken of alles netjes te formuleren.

Zinnen als “Dit vind ik lastig” of “Hier word ik moe van” zijn vaak al voldoende.

’’In een drukke omgeving vind ik het fijn als iemand een arm aanbiedt. Het kost me anders ontzettend veel energie om zelf met mijn stok te lopen. Ik steek die energie liever in wat leuks’’

Tip 4: Vraag iemand met je mee te kijken

Het kan je helpen om samen met een naaste, een begeleider, of een behandelaar je zichtbeschrijving door te nemen. Die kan meedenken of vragen stellen die jou weer helpen om het duidelijker te verwoorden. Natuurlijk staan ook de professionals van Visio voor je klaar om je te helpen als dat nodig is.

’’Een begeleider van mijn woongroep heeft me geholpen met het maken van mijn zichtbeschrijving. Doordat zij mij hiermee hielp en we hier veel over spraken is zij mij ook veel beter gaan begrijpen. Dit heeft het contact tussen ons verbeterd.’’

Tip 5: Forceer jezelf niet

Het maken van een zichtbeschrijving kan energie kosten. Merk je dat het te veel wordt? Leg hem gerust even weg. Je hoeft het niet perfect te doen, en ook niet vandaag. Het proces van het schrijven ervan kan net zo helpend zijn als de uiteindelijke zichtbeschrijving. Dus wees hier zorgvuldig in en neem de tijd.

Tip 6: Jij houdt de regie

Je bepaalt volledig zelf;

  • Wie je de zichtbeschrijving laat lezen;

  • Wat je deelt en wat niet;

  • Wanneer je hem gebruikt.

De zichtbeschrijving is een hulpmiddel voor jóu (en niet iets waar je aan moet voldoen).